Dwingende groepsculturen maken voortdurend gebruik van groepsdruk, juist omdat het zo effectief is. De behoefte erbij te willen horen is een gezonde basisbehoefte. Het zit in de mens zich aan te (willen) passen aan de groep. Maar wat als de groep racistisch  is? Gaan mensen dan ook mee?

Zolang iemand geen goede reden ziet om zich niet te voegen naar zijn groep, is hij geneigd zich aan te passen. Het alternatief is afgewezen worden door de groep of op z’n minst voor de afwijkende mening ter verantwoording geroepen te worden. De manier waarop de groepsleider, of de groep in zijn geheel, iemand ter verantwoording roept is vaak erg pijnlijk en vernederend. Zeker wanneer iemand nog niet helemaal helder heeft waar hij precies bezwaar tegen heeft en wat zijn intuitie of onderbuik-gevoel wil zeggen, zwicht hij eerder onder de groepsdruk. Die angst voor afwijzing is een krachtig middel waar sekteleiders dankbaar gebruik, of beter gezegd ‘misbruik’, van maken.

Iemand misleiden of oplichten is makkelijker wanneer het potentiële doelwit denkt dat hij niet te misleiden is. De aanname: “Ik ben te slim me te laten oplichten, want ik ruik manipulatie van een afstand” is op zijn zachtst gezegd een overschatting van onszelf en een onderschatting van de oplichter, die er een, voor ons, verborgen agenda op na houdt. Het is een verborgen agenda, geen open boek. Alleen al het feit dat zijn doelwit niet op de hoogte is van zijn plannen, maakt hem kwetsbaar voor manipulatie.
Deze aanname heeft de onderliggende gedachte dat alleen naïeve, domme of labiele mensen zich laten oplichten. Dat slim zijn de oplossing is. Dat is de fundamentele attributiefout. Daarmee bedoel ik de neiging gedragingen van, in dit geval de slachtoffers van oplichting of schadelijke manipulatie toe te schrijven aan de persoonlijkheid of het karakter van het slachtoffer. Situationele factoren (factoren die buiten de persoon liggen) worden onderschat, terwijl dispositionele factoren (factoren die binnen een persoon liggen) worden overschat (Ross 1977 ‘fundamental attribution error’). Iedereen is onder bepaalde omstandigheden of situaties te manipuleren.


Image Het grote racisme experimentHet Grote Racisme experiment, uitgezonden op 7 november 2013, is een goed voorbeeld van hoe groepsdruk werkt en hoe beschamend makkelijk het is het te misbruiken. Dit experiment van eigen bodem spreekt boekdelen.

Ondanks het feit dat de deelnemer weet dat het een experiment is, blijkt het nog lastig te zijn dicht bij zichzelf te blijven en overdachte keuzes te maken. Ook dit experiment laat zien dat er bewust gebruikt gemaakt wordt van de verwarring die ontstaat door tegenstrijdige signalen, gebrek aan ruimte en tijd om rustig na te denken, de natuurlijke menselijke behoefte erbij te horen en de angst verstoten te worden, en zo de deelnemers van het experiment meezuigt in het groepsgebeuren. Achteraf, als er weer tijd is om na te denken en te analyseren, is het natuurlijk makkelijk praten.
En dát heeft dit experiment zeker gedaan: Gesprekken op gang gebracht. Ons bewuster gemaakt van het gemak waarmee we beïnvloed kunnen worden.

“Hoe komt het dat racisme altijd en overal weer de kop op steekt? Hoe snel grijpt de ene groep de macht over de ander groep? En zit racisme eigenlijk in ons allemaal? Dat testen we in een bijzonder sociaal experiment onder leiding van Seyda Buurman-Kutsal.”

Reageer